Onderhoud aan het businessmodel

0

Smart industry wordt vaak in verband gebracht met ‘predictive maintenance’: alles in het productieproces monitoren en op basis van de informatie die je uit de big data destilleert een model maken waarmee je kunt voorspellen wanneer je het beste onderhoud kunt uitvoeren. Maar onderhoud aan de hand van smart industry gaat verder. Je kunt ook je businessmodel een goede beurt geven. Precies dat was de insteek van de rondetafel die technologiebedrijf Koning & Hartman in Amsterdam organiseerde.

Rondetafel Smart Industry nummer 9

Koning & Hartman ontwikkelt oplossingen voor smart industry en internet of things. Zoals de KH Information Server (KHIS), die systemen voor bedrijfs- en productiebesturing met elkaar kan laten praten. Het technologiebedrijf deelt zijn kennis met andere bedrijven, onder meer door rondetafels te organiseren samen met ORTEC, specialist in de verwerking van big data. Elke rondetafel kent z’n eigen invalshoek, afhankelijk van de inbreng van de deelnemers. Eind augustus, bij de negende sessie, schoven op het Amsterdamse hoofdkantoor van K&H vertegenwoordigers aan van fabrikanten, dienstverleners en het hoger onderwijs. Hun inbreng was de basis voor bijgaande verslag.

Slimmer onderhoud vliegtuigmotoren

tom-bouws

Tom Bouws

Thema voor deze rondetafel is predictive maintenance en dat wordt ingeleid door Arno de Wolf van ORTEC. Hij presenteert een smart industry case voor het onderhoud van vliegtuigmotoren. Met de big data die voor 100 motoren zijn verzameld, is een model opgebouwd dat voor elke motor individueel kan voorspellen wat het optimale moment van onderhoud is. Daarmee worden forse kostenbesparingen behaald: minder motoren gaan voortijdig kapot en de andere motoren kunnen langer doorvliegen vooordat ze met succes een beurt krijgen. Een aansprekende case (meer daarover in een volgend verslag), maar toch gaat de discussie een andere kant op, getriggerd door de presentatie van Tom Bouws. Als accountmanager Smart Industry, Topsectoren en Kennisinstellingen bij de Kamer van Koophandel fungeert hij als inspirator voor bedrijven die zich op smart industry oriënteren.

Nieuwe businessmodellen

Smart industry zit ’m volgens Bouws in processen: enkelstuks klantspecifiek leveren tegen de prijs van massa door slim te automatiseren, een optimale flow door de fabriek organiseren, foutloos data uitwisselen in de keten… of onderhoud slimmer organiseren. Maar ook in producten: waarde toevoegen met bijvoorbeeld sensoren en draadloze connectie die additionele informatie leveren waarmee de klant zijn proces of product kan verbeteren. Die slimme producten kan hij maken met componenten die dankzij de smartphone-industrie commodity zijn geworden en dus goedkoop, zoals sensoren, cameraatjes, gps, rf-chips, enzovoort. Of produceren met nieuwe, disruptieve technieken zoals 3D-printen en robots die met mensen kunnen samenwerken. Verder gaat smart industry ook over nieuwe businessmodellen, bijvoorbeeld met aanvullende diensten (servitization), service-op-afstand, pay-per-use of delen (van bezit naar gebruik).

allecelavita2Beslissers overtuigen

Namens CêlaVita, fabrikant van koelverse aardappelproducten in Wezep, zit plantmanager Alle Oldenburger aan tafel. Hij is onder de indruk van alle mogelijkheden maar blijft zitten met de vraag wat het oplevert en hoe de beslissers daarvan te overtuigen. ‘Bij ons moederbedrijf McCain hebben ze lijnen die per uur 25 ton friet produceren. Daar kan het makkelijk uit om er een mannetje bij te laten lopen voor het onderhoud en heeft het weinig zin om de productie smart te maken.’ Dat ligt anders voor zijn eigen bedrijf, dat veel verschillende producten in kleine batches maakt.’ Wij werken nog niet op klantorder en moeten dus goed de vraag kunnen voorspellen; daar hebben we echter nog geen rationele modellen voor. Bij ons kan het wel lonen om de productie slim in te richten, maar het is nog lastig om het hoofdkantoor te overtuigen.’

Voorwaartse integratie

Oldenburger is daarom op zoek naar meer. ‘Ik kan wel een Smart Industry scan (zoals K&H en ORTEC aanbieden, red.) laten uitvoeren, maar er moet meer uitkomen dan alleen savings in euro’s. Ik wil impact creëren, er moet meer customer intimacy uitkomen.’ Want, over businessmodel gesproken, in de wereld van CêlaVita gaat het om voorwaartse integratie, de binding met de klant versterken. ‘Wij hebben nu al de verantwoordelijkheid voor het beheer van de voorraad van onze producten bij Albert Hein in het distributiecentrum. In de toekomst zullen wij verantwoordelijk worden voor wat er in de winkels in de

Tim Wolf

Tim Wolf

schappen ligt. Dat vind ik niet erg, want dan pas gaan we alleen maken wat daadwerkelijk gevraagd wordt.’ Precies daar komt smart industry om de hoek kijken, zegt Tim de Wolf van K&H: ‘De voorspelbaarheid van de vraag vergroten, de klant beter informeren, customer intimacy bieden aan de hand van de modellen die je bouwt op basis van alle verzamelde informatie.’ En je kunt een temperatuursensor op de verpakking van de gekoelde aardappeltjes plakken, vult Tom Bouws aan: ‘Als er is iets mis is, kun je nagaan of de aardappels bijvoorbeeld te warm zijn geworden tijdens transport.’

 

Harry Gruben

Harry Gruben

Onvoorspelbare klant

Visoenen over het plaatsen van sensoren op producten krijgt Bouws ook bij het verhaal van Harry Gruben, directeur operations van Auping in Deventer. De beddenfabrikant is make-to-order gaan werken en heeft zijn leveranciers daarin meegenomen. ‘Zij leveren hun spullen nu aan een hub, waar wij ze weer uithalen als we ze nodig hebben voor onze productie; dan pas betalen we ervoor. De leveranciers moeten zelf bepalen hoe ze hun voorraad in die hub beheren.’ Maar nog steeds blijft Auping worstelen met de onvoorspelbare klant. ‘De vraag van de klant modelleren doen we nu nog op de achterkant van een sigarendoos. Als het bijvoorbeeld erg warm is, neemt de intake met twintig procent af. Dat soort dingen weten we wel, maar het zit nog niet in een model en we doen er nog niets mee.’ Dat komt onder meer doordat Auping niet rechtstreeks aan consumenten levert, maar aan franchisers. Moet Auping zijn businessmodel niet veranderen en zelf retailer worden, luidt de vraag.

Het intelligente bed

In Deventer denken ze na deze stap, die de customer intimacy moet vergroten, maar het is (nog) niet zover. Intussen wordt de relatie met de klant op een andere manier wel steeds intiemer. ‘We zitten nu in een traject over het innovatieve bed: wat is dat?’ Auping biedt al een app aan, Better Days, die het slaapgedrag analyseert en met een slimme wekker alleen bij lichte slaap een weksignaal afgeeft; dat is prettiger wakker worden dan uit diepe slaap. De app is gratis, meldt Gruben, maar (businessmodel!) bevat ook een matrascheck die de consument kan vertellen welke matras het beste bij hem past. Bouws heeft nog wel ideeën voor het intelligente bed: sensoren in het bed om informatie over het slaapgedrag te verzamelen, of een sensor in de tandenborstel die bij gebruik ’s avonds alvast de elektrische deken aanzet.’ Privacy is slechts een van de zaken die hier nog tussen droom en daad staan.

Onderhoud aan het businessmodel, van lichte bijstelling tot complete revisie, is misschien wel de grootste uitdaging van smart industry.

Share.

Reageer

CAPTCHA Image

Reload Image

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.