Lagerwey Windturbines heeft de wind mee.

0

Nederland, Wekerom, 26-1-2015. Foto Maarten Hartman. Henk LagerweyWindturbines steeds belangrijker voor energievoorziening

Een eenvoudig, echt Nederlands product. Zo omschrijft directeur Henk Lagerweij de windturbine die zijn bedrijf engineert en bouwt. Voor de productie van enkele onderdelen benut hij de expertise van toeleveranciers, de assemblage gebeurt weer geheel in eigen huis. Met de jongste innovatie – de modulaire stalen molen – gaat het bedrijf de concurrentie met de grootmachten aan.

 

De oliecrisis in 1979 was voor Henk Lagerweij aanleiding om windturbines op land te gaan bouwen, maar de energieprijzen daalden al snel weer. In 2006 begon hij opnieuw te engineeren, waarna een lang proces volgde van uitontwikkeling. ‘Een molen moet voldoende draaiuren maken, wil je de kwaliteit kunnen garanderen. En we wilden ons product laten certificeren. Intussen zijn we gegaan van een 2 MW mast van 80 meter naar een 2,5 MW mast van 130 meter. En ook de wieken zijn groter geworden, 100 in plaats van 80 meter. Dat is bijna vijftig procent toename, want je moet kijken naar de oppervlakte van de cirkel die ze bestrijken.’

 

Lagerwey is een volledig initiërend bedrijf: van het ontwerp tot het zelf bouwen van de meeste elementen, waaronder de generator, en de gehele samenbouw in het machinehuis gebeurt alles in een eigen werkplaats in Wekerom. Min of meer gedwongen door de financiële crisis: toen een verkochte licentie niet leidde tot de verwachte royalties, werd besloten grote windturbines voor de Europese markt te gaan bouwen. De direct drive – een langzaam lopende veelpolige generator direct aan de as van de turbine – is een onderscheidend kenmerk. ‘We wilden een eenvoudig product maken, ook vanwege problemen met tandwielkasten in het verleden. Omdat we langjarige service boven op de paal geven, moet dat betrouwbaar zijn.’

Met Lagerwey’s jongste innovatie wil Lagerweij de internationale concurrentie aangaan.

lagerweij transportOok de mast is geheel eigen ontwerp, sterker nog: geheel eigen nieuw ontwerp: de modulaire stalen toren. Deze bestaat uit platen van 12 bij 3 meter – een afmeting die in een container op een standaardvrachtwagen te vervoeren is, wat flink scheelt in de transportkosten. ‘We hebben tevens een afzetsysteem ontwikkeld, waardoor de vrachtwagen de platen makkelijk kan lossen op de bouwplaats, daar komt geen kraan meer aan te pas.’ De innovatie had een praktische reden: hoe groter de molen, hoe groter ook het logistieke probleem, omdat bij molens boven de 100 meter de diameter zo groot is dat vrachtwagen en mast niet meer onder een viaduct door kunnen. ‘We innoveren op een onderdeel waarvan iedereen dacht: daar valt niets meer aan te innoveren’, lacht Lagerweij. ‘Nu we de ringen pas ter plekke hoeven te maken, hebben we alle vrijheid qua diameter en hoogte en kunnen we voldoen aan de marktvraag naar windturbines van 160 meter.’ De innovatie is inmiddels gepatenteerd; Lagerwey overweegt deze in licentie uit te geven.

Een tweede overweging is duurzaamheid: stalen platen kun je afbreken, elders opnieuw opbouwen of omsmelten. ‘De restwaarde van onze molens loont de moeite. Dit in tegenstelling tot betonnen masten waar je aan het einde van de levensduur kosten moet maken bij het afbreken. Dankzij de logistieke pluspunten en het hergebruik is de hele wereld mijn klant.’ Tot slot wordt ook de besturing en elektronica in huis geëngineerd en gebouwd. Momenteel heeft Lagerwey circa 100 medewerkers in dienst.

lagerweij hijskraanNieuw platform
De overige onderdelen koopt Lagerwey bij uiteenlopende toeleveranciers, zo’n vijftig in totaal, met wie het bedrijf nauwe contacten onderhoudt. De mal voor de kunststofkap en ook de kap zelf worden vervaardigd op specificatie van Lagerwey. ‘Nu zijn dat nog drie delen, straks worden dat er zes, want om ze goed te kunnen vervoeren, moeten ze steeds kleiner worden.’ Hetzelfde geldt voor de gietstukken voor het machinehuis die worden geproduceerd bij het Spaanse Olazabal. ‘Als je ontwerpt, ga je naar iemand toe die het kan produceren. Je vraagt bijvoorbeeld: als ik het zo teken, is het dan nog te gieten? Of de gieter zegt: als je het nu zo doet, is het makkelijker uit de mal te krijgen. Het inzetten van de expertise van je toeleveranciers, daar wordt je engineering alleen maar beter van. En soms kan het dan de helft goedkoper.’ De wieken zijn een coproduct en betrekt Lagerwey bij de grote Deense wiekenfabrikant LM Wind Power, om een andere reden. ‘Het is een zeer arbeidsintensief proces, die moet je in serie maken. Pas als je zo’n vijftig windturbines per jaar maakt, loont het om te investeren in een wiekenfabriek.’ Dit jaar stond de teller bij het bedrijf op 25 stuks, voor 2016 staan er veertig op de planning. Momenteel is er sprake van een platform met windturbines van 80, 90 en 100 meter wiekdiameter.

Eind vorig jaar sleepte het bedrijf een miljoenenorder in de wacht voor het leveren van windturbines voor twee windparken in Finland. En het eind is nog niet in zicht; dankzij de eenvoud van het ontwerp en het logistieke voordeel van de mast kan Lagerwey concurreren met de grootmachten. ‘Waar we als kleine speler duurder uit zijn qua materiaal, winnen we terug op logistiek. De markt vraagt naar groter, daarom werken we nu aan een windturbinefamilie met wieken tot 160 meter en 4 MW. Dat stelt klanten in staat de goede wiek te zoeken die past bij hun windgebied.’ Lagerweij ziet de toekomst met vertrouwen tegemoet. ‘Windturbines worden meer en meer onderdeel van de energievoorziening. Ze staan doorgaans op plekken waar ruimte genoeg is. We zouden aan energieopslag kunnen gaan doen, accu’s plaatsen om de overcapaciteit op te slaan. Niet direct zelf, het zou een coproduct kunnen zijn. Als je dan zorgt voor goede netwerkaansluitingen, kost het relatief weinig en kun je klanten een goede energielevering garanderen.’

Share.

Reageer

CAPTCHA Image

Reload Image

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.