Jan Tournois (Pilz Nederland) bepleit holistische kijk op veiligheid

0

Veiligheid lijkt haaks te staan op lean, want elke veiligheidsmaatregel is een potentiële verstoring van de productieflow. Ook veiligheid en agile schijnen onverenigbaar, want de onvoorspelbaarheid van een agile aanpak is vanuit een strak gereguleerd veiligheidsperspectief ‘verboden’. Volgens Jan Tournois, directeur van Pilz Nederland, kunnen lean en agile in bepaalde opzichten wel degelijk samengaan met veiligheid.

THEMA LEAN EN AGILE, SAMEN MET DE KETEN: ‘Slimmere hekken’ gevraagd

Pilz, de Duitse multinational in veilige automatisering, introduceerde zo’n vijftien jaar geleden het concept ‘Lean Safe’. Dat is niet met zo weinig mogelijk componenten en investeringen iets veilig maken, benadrukt Jan Tournois. ‘Die denkfout maken mensen vaak: lean is minder. Het gaat erom de optimale oplossing te vinden voor veilig én lean werken, afhankelijk van de applicatie. Soms moet je daarvoor juist extra investeren.’

Geen hek, maar een lichtscherm of scanner om een machine zetten, kan bijvoorbeeld lean zijn. Zo’n ‘slimmer hek’ geeft de operator beter zicht en directer contact met wat in de machine gebeurt, zodat hij op tijd kan ingrijpen. Als de operator iets wil waarnemen dat fysiek is afgeschermd, krijgt hij toch de neiging om de afscherming te verwijderen, met alle onveiligheid van dien. Een lichtscherm of scanner neemt mensen waar als zij een onveilige ruimte betreden en zorgt dat de machine afschakelt. Bij kleine ruimtes met (te) korte afstanden is soms een extra rem nodig. Die investering kan reden zijn om niet voor deze lean-oplossing te kiezen, maar voor het hek. Soms zijn de belemmeringen ook psychologisch van aard, aldus Tournois. ‘Men is vaak bang dat bij een lichtscherm of scanner mensen zomaar naar de machine lopen en die daardoor stilleggen. Dat is niet zo. Mensen die zich verantwoordelijk voelen voor de productiviteit, doen dat niet lichtvaardig en letten erop dat ook anderen dat niet doen. Deze angst is wel terecht bij publieke ruimtes waar mensen onwetend zijn.’

Holistisch

De psychologie van veiligheid, is Tournois’ stokpaardje. ‘Wil je het maximale uit je medewerkers halen, dan moet je hun autonomie geven, niet ‘squeezen’ met restricties. Maar voor veiligheid doet men dat wel, de geboden en verboden vliegen je om de oren. Om mensen intrinsiek te motiveren, moet de inrichting van de veiligheid aansluiten op het psychologische naast het wettelijke model. Dan richt je een werkplek zo open en flexibel mogelijk in. Vanuit het perspectief van lean ziet men veiligheid echter vooral als een vervelend fenomeen dat de productiviteit hindert. Vanuit de juridische kant wil men de norm volgen, politieagentje spelen. In praktijk gaan alleen hr-mensen op de motivatietoer voor het welzijn van de medewerker in bredere zin, waarbij tevredenheid en de mate van belemmeringen aan bod komen. Overall laat men nog winst liggen door veiligheid niet holistisch te bekijken.’

Is er naast ‘Lean Safe’ ook zoiets als ‘Agile Safe’? ‘De mens moet kunnen vertrouwen op een veiligheidssysteem, anders gaat hij het niet toepassen maar uitschakelen en wordt de situatie juist onveiliger. Deze dependability vraagt om voorspelbaarheid en dat is in contradictie met agile. Maar agile als ontwerpfilosofie kun je wel betrekken op veiligheidoplossingen: open staan voor lessons learnt en signalen van buiten. Je kunt bijvoorbeeld gaan dataloggen wat er zich afspeelt rond een veiligheidssysteem: hoe vaak wandelen mensen door een veiligheidsscherm of drukken ze de noodstop in? Dan leer je en kun je je veiligheidsontwerp verbeteren.’

Verantwoordelijkheid decentraal

Over lean en agile gesproken: ‘De overheid kent een enorme traagheid in normering en regulering’, verzucht Tournois. Pilz kan nog zo agile een nieuwe veiligheidsoplossing ontwikkelen, die moet wel aan de norm voldoen. Dat betekent uitgebreid testen en safety cases uitwerken. ‘Dan ben je zo vijf jaar verder voor je nieuwe product op de markt mag.’ Wat hem betreft is het beter om een bedrijf met kennis van zaken, zoals Pilz, te accrediteren om decentraal de verantwoordelijkheid te dragen om veilige producten te ontwikkelen. ‘In principe doen we dit al op hoger niveau. Wij integreren deelsystemen tot een werkend systeem waarbij we zelf de CE-markering doen en de verantwoordelijkheid nemen. Zouden wij dit ook zelf doen voor nieuwe producten, dan verloopt de ontwikkeling een stuk sneller. Natuurlijk ligt hier een ethische discussie of de slager zijn eigen vlees mag keuren.’

Normcommissies ijlen na op de ontwikkelingen, stelt Tournois. Hij illustreert dat met de CE-markering (volgens de Machinerichtlijn, inclusief veiligheid) van robots. ‘Die gebeurt nog voor statische robots, maar wat als ze mobiel worden en tussen mensen door gaan bewegen? Ik heb voorgesteld om psychologen, sociologen en zelfs filosofen bij een normcommissie te betrekken. Om de discussie over veiligheid breder te trekken, ook richting ethiek, over wat wel en niet mag. Maar het overleg zou hierdoor te complex worden. Er is nog een lange weg te gaan voordat men een integrale benadering van veiligheid gaat volgen.’

Share.

Reageer

CAPTCHA Image

Reload Image

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.