FME: scepsis personeel over smart industry komt vooral voort uit een gebrek aan informatie

0

Onderzoek FME Smart Working: 83 procent medewerkers ziet nieuwe technologie als kans
De technologische industrie verandert in hoog tempo. Robotisering en digitalisering zijn geen vergezichten meer, maar alledaagse realiteit. Het onderzoek Smart Working van Berenschot en TIAS in opdracht van FME onder 6.971 medewerkers in de industrie onderschrijft dat. Maar liefst 91 procent van de medewerkers ziet dat binnen hun bedrijven gewerkt wordt met nieuwe technologie en dat gezocht wordt naar kansen. De ontwikkeling betekent volgens medewerkers een substantiële verandering in werk en werkomstandigheden. Men ziet vooral taken veranderen en er komen nieuwe functies bij. Slechts 13 procent ziet geen wijzigingen in de wijze waarop producten of diensten tot stand komen. Voor de nabije toekomst verwacht meer dan 61 procent substantiële veranderingen. Het goede nieuws is dat medewerkers de technologische ontwikkelingen toejuichen: 83 procent ziet nieuwe technologie als een kans. 25 procent van de respondenten staat heel positief tegenover de technologische ontwikkelingen; 14 procent van de respondenten ziet de technologische ontwikkelingen niet zitten.

Ook zorgen

Uiteraard zijn er ook zorgen. Medewerkers signaleren dat de nieuwe technologie het werk sneller maakt. De productie gaat omhoog, klanten worden non-stop bediend. Dit kan risicovol zijn als het gaat om de ervaren werkdruk en de balans tussen werk en privé, aldus de onderzoekers. Een derde maakt zich zorgen over de toenemende werkdruk; 28 procent over de toenemende complexiteit. Ze achten dat niet zozeer een probleem voor zichzelf, maar vooral voor collega’s.
Nieuwe technologie vraagt om andere vaardigheden en kennis. Vooral vakinhoudelijk veranderen er zaken, maar er is ook sprake van meer en andere samenwerking, en een andere wijze van aansturing en communicatie. Daarom is het noodzakelijk dat medewerkers naast hard skills (vakinhoudelijk) ook soft skills (als samenwerking, communiceren) ontwikkelen. Zonder goede scholing en begeleiding vallen medewerkers mogelijk buiten de boot. Ruim 90 procent van de medewerkers geeft aan zich (heel) verantwoordelijk te voelen om bij te blijven met de ontwikkelingen in het vakgebied. Een ruime meerderheid van de medewerkers geeft aan graag nieuwe dingen te leren. Een minderheid (16 procent) meldt overigens wel op te zien tegen veranderingen.
De uitkomsten zijn nauwelijks afhankelijk van leeftijd, opleidingsniveau of sector. Onder alle groepen bevinden zich vooral mensen die de nieuwe technologie zien zitten. Een klein deel maakt zich zorgen en ziet de ontwikkelingen als bedreiging. Deze groep zal zijn of haar baan ook niet zo snel aanbevelen aan de nieuwe generatie. Opvallend is dat in deze groep in verhouding meer mensen zitten uit functies die een grotere kans maken geautomatiseerd te worden. Ook zien we in deze groep in verhouding iets meer ouderen en lager opgeleiden.

Slechts 21 procent geïnformeerd

Er is een relatie tussen de mate waarin mensen geïnformeerd worden over de impact van de nieuwe technologie en de mate waarin men de ontwikkelingen als bedreigend ziet. Hoe minder informatie men krijgt hoe meer bedreigend men de ontwikkelingen vindt. Slechts 21 procent van de medewerkers wordt geïnformeerd over de impact van technologische ontwikkelingen op het eigen werk of het team. Hoe meer informatie men krijgt, hoe meer kansen men ziet/ervaart. De meeste medewerkers willen graag meebewegen, voelen zich verantwoordelijk om bij te blijven, maar hebben wel handvatten nodig. Om de transitie het hoofd te bieden en iedereen binnenboord te houden, willen medewerkers graag betrokken worden bij de vernieuwingen. Ze willen vooral begrijpen wat de ontwikkelingen nu echt betekenen voor hun eigen werk. Ze willen tijd en ruimte om te experimenteren en steun en informatie om vakkennis bij te houden.
Er is veel energie en interesse om nieuwe technologie te omarmen, zo stelt het onderzoek voorts. De weg is vrij voor actie. Samenwerking tussen ondernemers, medewerkers en politiek is hierbij de sleutel. Samenwerken op scholing, samen ontwikkelen en experimenteren, samen het gesprek aangaan, samen zoeken naar mogelijkheden en oplossingen en samen de successen vieren.

‘Gesteund door optimisme’
‘FME heeft Berenschot en TIAS gevraagd te onderzoeken hoe medewerkers in de technologische industrie kijken naar deze technologische ontwikkelingen. Wat zien zij gebeuren in hun bedrijf? En wat hebben zij nodig om nu en in de toekomst hun bijdrage te kunnen leveren? Cruciale informatie om er samen voor te zorgen dat Nederland Techproof wordt. Zeker gezien de grote opgave op de arbeidsmarkt. De Nederlandse technologische industrie moet de komende 12 jaar 120.000 nieuwe mensen zien te werven om groeimotor te blijven van de Nederlandse economie. En deze opgave wordt nog groter als we niet investeren in de kennis en vaardigheden van onze huidige medewerkers’, aldus motiveert Ineke Dezentjé Hamming-Bluemink, voorzitter FME, de opdracht tot het doen van het onderzoek ‘Smart Working – Medewerkers aan het woord’. Ze geeft aan zich ‘gesteund te voelen door het optimisme’, dat uit de resultaten spreekt. Die worden maandag 5 februari tijdens het Smart Industry Jaarevent in Bussum gepresenteerd.

Share.

Reageer

CAPTCHA Image

Reload Image

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.