Cocreatie met MTA zorgt ervoor dat Cerescon nu de markt op kan met aspergeoogster

0

Ad Vermeer is ervan overtuigd volgend jaar zijn Sparter voluit te kunnen gaan vermarkten. De brede lancering van zijn selectieve oogstmachine heeft start-up Cerescon een jaar moeten uitstellen, omdat het apparaat nog niet de vereiste kwaliteit en snelheid bood. Samen met system supplier MTA is een oplossing ontwikkeld met een veel betere prijs-performanceverhouding.

De early adopters zitten echter in het segment tot 50 ha, want juist de kleinere telers hebben de grootste problemen om aan voldoende aspergestekers te komen. Maar voor hen is die bemande trekker weer te duur.’ Daarom komt Cerescon volgend jaar met een zelf-aangedreven versie.

Impressie 1-rijige zelftrekkende Sparter

‘Veel start-ups zijn niet succesvol omdat ze zich eerst helemaal concentreren op het functioneren van hun innovatie en vaak onvoldoende oog hebben voor de businesscase, de industrialisatie. Dan blijkt het ontwerp vaak overgespecificeerd en te duur.’ Aldus Patrick Geerts, managing director en mede-eigenaar van MTA, geflankeerd door cto Richard van Lieshout in gesprek met Ad Vermeer, cto van Cerescon. Bij deze start-up uit Heeze is de Helmondse system supplier MTA sinds augustus vorig jaar aan de slag. Met als opdracht het verbeteren van de functionaliteit en de industrialisatie van de ‘snijrobot’, een wezenlijk onderdeel van de aspergeoogstmachine die Cerescon onder de naam Sparter op de markt wil brengen. De prijs van deze kernmodule moest met 40 procent naar beneden en de performance – lees: het aantal geoogste asperges per uur – moest met 50 procent omhoog. Beide doelen, vertelt Van Lieshout, zijn inmiddels gerealiseerd, de performance is zelfs met 100 procent verbeterd. ‘Belangrijk voor het kunnen neerzetten van die resultaten is dat wij van Cerescon de ruimte kregen om met een wit vel te beginnen, helemaal opnieuw.’

V2-model
‘Die ruimte’, vervolgt hij, ‘hebben wij nodig om ons V2-model goed te kunnen toepassen. In de hightech in deze regio wordt voor het ontwikkelen van een innovatie alom het V-model (van concept en specificatie via ontwerp tot realisatie en validatie, red.) gebruikt. Eerst voor het ontwikkelen van het functionele ontwerp, vervolgens voor het industrialisatieontwerp. Wij doen dat tegelijkertijd, geïntegreerd, wat tot een kortere doorlooptijd en lagere productkosten in serie leidt. Senior industrialisation specialist en oud-Océ-man Sjaak Janssen is de verbindende schakel tussen ontwikkelafdeling en productie, iemand die zich bij elke functionele stap afvraagt of die ook goed in serie maakbaar en betaalbaar is. Zonder die manier van multidisciplinair ontwerpen, concurrent engineering van product- en productiearchitectuur, waren we nooit tot de nu gebruikte oplossing voor de snijrobot gekomen.’

‘Wij kregen de ruimte met een wit vel te beginnen, helemaal opnieuw’

Andere invalshoek
De snijrobot was overgespecificeerd, erkent Vermeer: ‘De robot was ontworpen op een hogere snelheid van oogsten. Maar bij testen en bij de eerste launching customers in onze gebruikersgroep merkten we dat een snelheid hoger dan een halve meter per seconde de asperges beschadigt.’ Van Lieshout: ‘Dat gaf ons de ruimte voor een geheel andere invalshoek. Tot dan bewogen de benodigde servomotoren mee met de robotarmen. In het herontwerp hebben wij die motoren op het draagframe gemonteerd. Daardoor hoeft er minder massa bewogen te worden. En vanwege de lagere snelheid kunnen we in plaats van duur freeswerk en dure composieten, zes kilo zwaarder standaard plaatwerk gebruiken dat we op een standaard wijze aan elkaar kunnen lassen, zonder kostbare lasframes en -bokken. Deze oplossing is het resultaat van cocreatie, een essentieel onderdeel van onze V2-aanpak. Door het bij elkaar brengen van kennis en ervaring zijn we samen gekomen tot de juiste afwegingen vanuit machine-, proces-, specificatie- en kostenperspectief. De prijs-performanceratio is nu een factor 3 beter.’

Zeer bevredigend
Het afgelopen aspergeseizoen – dat loopt van april tot en met juni – is de nieuwe configuratie op het eigen testveld en bij twee launching customers – een Duitse en een Nederlandse aspergeteler – grondig uitgeprobeerd. De resultaten zijn zondermeer bevredigend, stelt Vermeer. ‘De betrouwbaarheid is zeer goed. De uptime was 96 procent. En de kwaliteitstarget is in de loop van de testperiode gehaald: meer dan 70 procent van de asperges die in de grond zaten is geoogst en verkoopbaar, vergelijkbaar met het met de hand oogsten. De USP (unique selling point, red.) van de Sparter is dat deze alle asperges die voldoende groot zijn onder de grond ‘ziet’ en oogst. Een handarbeider kan alleen steken wat boven de grond uitkomt en moet voor de rest de volgende dag alweer terugkomen. De Sparter pas na twee of drie dagen. Dat scheelt meer dan alleen tijd. Door het daglicht wordt de asperge violet en is deze op de markt minder waard. Door de ondergrondse detectie in combinatie met minder ondergrondse schade is de Sparter binnen twee tot vier jaar terugverdiend.’

Onbemande trekker
Kan Vermeer dan nu na vier jaar ontwikkelen eindelijk de markt op (behalve in Nederland vooral in Duitsland en – later – Peru) met een volwaardig, volledig uitontwikkeld product? Nog niet helemaal, zo wordt duidelijk: ‘Omdat onze machine getrokken moest worden door een dure, bemande tractor, hebben we in eerste instantie ingezet op en geïnvesteerd in een apparaat dat twee of drie rijen tegelijk kan oogsten. Maar dan bouw je een machine die voor de heel grote telers – met meer dan 100 ha grond – interessant is. De early adopters zitten echter in het segment tot 50 ha, want juist de kleinere telers hebben de grootste problemen om aan voldoende aspergestekers te komen. Maar voor hen is die bemande trekker weer te duur.’ Daarom komt Cerescon volgend jaar met een zelf-aangedreven versie. ‘De onderhandelingen met een leverancier van een rupsvoertuig zijn in een vergevorderd stadium. Een standaard oplossing waar we maar weinig meer aan hoeven te wijzigen’, verzekert Vermeer.

Opvolger van de oude combine
In grote lijnen werkt de aspergeoogstmachine Sparter als volgt: een klein elektrisch signaal wordt ‘geïnjecteerd’ aan weerszijden van het aspergebed. Dat maakt de asperges, die voor 97 procent uit water bestaan en daardoor heel goed geleiden, zichtbaar voor de sensoren die door het bed strijken. Voordat deze de asperge kunnen raken, worden ze snel teruggetrokken. De locatie-informatie van de sensoren stuurt de snijrobot aan, die een mes in het bed steekt, de asperge afsnijdt, uit het bed haalt en op een lopende band deponeert die het witte goud afvoert naar een operator. Die heeft als taak kistjes te vullen en te stapelen, aan het eind van het bed de oogstmachine 180 graden te draaien en eventuele storingen, bijvoorbeeld veroorzaakt door rommel op de akker, te verhelpen.
Daarmee is dit de eerste ‘selectieve oogstmachine’, aldus Ad Vermeer. ‘In feite kun je onze machine zien als de opvolger van de combine, tweehonderd jaar geleden uitgevonden. Die maakte het voor het eerst mogelijk grote hoeveelheden agrarische producten te oogsten zonder het handwerk van de arbeiders die tot dan toe ingezet werden. De combine is een zogenaamde voloogster die geen onderscheid maakt tussen rijp en groen. De Sparter oogst alleen de asperges die groot genoeg zijn, de rest blijft staan.’ Juist vanwege die kwaliteit, denkt hij, heeft Cerescon in de vier jaar van zijn bestaan al tal van prijzen en (Europese) subsidies toegekend gekregen. Plus, getuige de vier grote lijsten met knipsels aan de muur bij de entree, de nodige mediabelangstelling.

Cerescon richt zich vooralsnog op de gemechaniseerde oogst van asperges, een markt die in Europa goed is voor een omzet van 800 miljoen tot 1 miljard euro. ‘Hierna volgt één van de vele andere gewassen die nu handmatig selectief geoogst worden. Geheel conform het motto in ons logo: Harvesting Innovation.’

Concurrentie

Er is concurrentie op de markt, bijvoorbeeld van AVL Motion met zijn automatische selectieve oogstmachine, maar naar verluidt lopen ze een aantal jaren achter bij Cerescon. Ze hebben ook geen ondergrondse aspergedetectie en daarmee een structureel nadeel qua technologie. ‘Dit is geen correcte aanname, gezien wij al beschikken over een autonome goed functionerende asperge- oogstrobot. Sterker nog, deze zijn al commercieel leverbaar, en besteld’, aldus Arno van Lankveld, General Manager van AvL Motion. ‘Daarnaast heeft optische aspergedetectie meer voordelen dan nadelen in vergelijking met de door Cerescon toegepaste ondergrondse detectie, wat nu niet uitgelicht wordt.’

 

Share.

Reageer

CAPTCHA Image

Reload Image

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.