tbp electronics houdt zijn toeleveranciers scherp, ook tijdens supplier day

0

Gastheer Ton Plooy, dga tbp

Als één ding duidelijk wordt tijdens de supplier day van tbp electronics, dan is het wel dat de ketensamenwerking steeds beter verloopt, maar dat er ook nog genoeg wensen leven bij de verschillende ketenpartners.

Nog wensen genoeg

In de zaal  veel leveranciers van de elektronicacomponenten waarmee de gastheer uit Dirksland zijn pcb’s produceert. En op het podium een panel met een mix van branchedeskundigen, geleid door Hanneke van Wageningen (als tbp’s supply chain manager tot in detail op de hoogte van het werk van de suppliers) en Arjan van Weele, NEVI-hoogleraar inkoopmanagement aan de TU Eindhoven.

Actuele, betrouwbare obsoletie-informatie is cruciaal, erkent Rens Wagter (links) van EBV. Echter: ‘Soms geeft een grote fabrikant een productiegarantie af voor vijftien jaar, waarop die toch plots de productie stopt.’ Rechts Paul van Abeelen van Isah. Foto: Com-magz

Scherp houden

Dat het ideaalplaatje nog altijd niet bereikt is, wordt direct duidelijk bij het interview met Paul Rooimans, de Nederlandse directeur van het Zweedse Mycronic. Dat levert tbp de surface mount equipment, in Dirksland onderdeel van twee productiestraten van elk 35 meter. Hij is complimenteus over tbp. Onder meer omdat deze klant bereid is risico’s te nemen door voortdurend ‘als showroom’ te willen fungeren voor Mycronic’s laatste, nog niet voldragen, innovaties. En omdat tbp zijn onderneming ‘heel scherp houdt’. Jarenlang innoverend samenwerken heeft eraan bijgedragen dat bij tbp het aantal productwisselingen per shift fors is gestegen, met veel minder stilstand en mensen, schetst Rooimans de progressie.

Ook nu houdt tbp hem scherp: directeur Ton Plooy maakt duidelijk dat de ‘horizontale communicatie’ nog veel te wensen overlaat. ‘Mijn operators schieten nu op skeelers van het ene scherm naar het andere om alle onderdelen van de assemblagelijnen voortdurend bij te stellen. Terwijl ik zou willen dat de machines de operator sturen, dat de machinecommunicatie zodanig is dat een bijstelling van het ene onderdeel automatisch leidt tot aanpassingen verderop in de lijn.’ Daarvan is nog geen sprake, erkent Rooimans, die zijn hoop heeft gevestigd op IPC (Association Connecting Electronics Industries), dat voor de communicatiestandaardisatie zou moeten zorgen.

Richard Mijnheer, ceo 3T

Onnodig traag

Richard Mijnheer, de tweede geïnterviewde, is ceo van 3T, ontwerper van embedded software voor onder meer field programmable gate array chips. Dit Enschedese bureau is zowel klant als leverancier van tbp, afhankelijk van wie de eindklant aandraagt. Hij wijst op de – onnodige – traagheid van innoveren als knelpunt in de elektronicaketen. ‘Te veel bedrijven hebben eigen ontwikkelaars die te veel op hun eiland blijven en geen oog hebben voor wat er in de wereld nog meer te koop is. Ze zouden veel meer zaken moeten doen met bureaus als het onze. Want wij komen overal. Als je in onze wereld alles zelf wilt blijven doen, ga je per definitie te langzaam’, geeft hij potentiële klanten als advies mee.

Partijen als Mycronic en 3T spelen een belangrijke rol in het waarmaken van een ambitie van tbp: voor de high mix, low volume, high complexity-markt komen tot een zeer snel en slim productieproces dat tegen de laagst mogelijke kosten zeer betrouwbare pcba’s oplevert. ‘Slagen we daar niet in, dan raken we out of business’, is Plooy’s overtuiging. Een belangrijke beperkende factor is de fysieke en organisatorische afstand tussen elektronica-ontwerper en -producent. Die verwijdering is de afgelopen decennia ontstaan doordat de grote, verticaal geïntegreerde oem’ers steeds meer productiewerk zijn gaan uitbesteden, waar ook ter wereld en graag tegen de allerlaagste prijs. Dé manier om de brug te slaan is partijen zo vroeg mogelijk te betrekken, aldus de tbp-directeur: early supplier involvement. ‘Focus je als oem’er op kosten, dan drijf je kwaliteit uit; focus je daarentegen op kwaliteit, dan drijf je kosten uit. Kunnen wij al tijdens het pcba-ontwerpen aan de knoppen draaien, dán verlagen wij voor de klant de kosten, niet door hem korting te geven.’

Waarom 10.000?

Kostenverlaging, benadrukt Plooy, is niet alleen een issue tussen tbp en klant, maar evenzeer tussen tbp en zijn componentenleveranciers. ‘Ik heb hier een shuttle met zes miljoen euro voorraad. Waarom krijg ik er tienduizend stuks geleverd als ik er maar honderd nodig heb’, vraagt hij. Zijn buurman aan tafel, Rens Wagter, general salesmanager van EBV Elektronik, gespecialiseerd in de distributie van elektronicacomponenten, reageert: ‘Wij kunnen kleine, omverpakte hoeveelheden leveren op een reel (spoel, red.), in de toekomst wellicht voorzien van een feeder (om makkelijker te installeren, red.). Maar dat brengt wel extra kosten met zich mee. Het is toch echt een kwestie van balans vinden tussen logistieke kosten en innovatie.’

Niet alleen de batchgrootte blijkt een logistiek discussiepunt, ook de informatievoorziening over het obsoleet worden van componenten. Een van de usp’s van EBV (al sinds 2004 jaarlijks genomineerd voor de DISCA-awards van dit magazine, memoreert Van Weele) is klanten tijdig informeren over wanneer componenten uit productie gaan. Logisch: in de ‘steeds dynamischer’ halfgeleidersector is de lifecycle, zeker van de consumentenelektronica, vaak hooguit vier jaar. Dan is het voor de klant heel vervelend als zijn machine of apparaat vol zit met componenten die al obsoleet zijn voordat dat product op de markt is. Plooy: ‘Wij worden soms met een bill of materials geconfronteerd waarop componenten staan die reeds uit productie zijn. Daarom is het niet alleen belangrijk dat de klant ons vroeg betrekt, maar ook dat wij van onze leveranciers altijd de meest actuele, betrouwbare obsoletie-informatie krijgen.’ ‘Voor de juistheid van die informatie zijn wij ook afhankelijk van partijen als NXP, STM en Maxim’, repliceert Wagter. ‘Soms geeft een grote fabrikant een productiegarantie voor vijftien jaar af, waarop die, out of the blue, de productie toch plots stopt.’ Is meer voorraad houden voor tbp geen oplossing, oppert Van Weele. ‘Nee, want de klant wil er niet voor betalen’, legt Plooy de bal resoluut bij zijn suppliers.

Op cursus

De laatste leverancier aan tafel is Paul van Abeelen, dga van de Tilburgse ERP-leverancier Isah. Het ERP-systeem is de backbone voor elke systeemintegratie, toch wordt zijn software vaak veronachtzaamd. ‘Als ik op een verjaardag vertel wat ik doe, krijg ik dikwijls direct klachten over ‘de it’ over me heen. Dan heb ik altijd twee controlevragen: wanneer ben je voor het laatst op cursus geweest en hoe oud is de softwareversie waarmee je werkt? De software is heel vaak verouderd en op cursus gaan werknemers zelden. Dan is het niet vreemd dat software traag werkt en de mogelijkheden ervan niet benut worden. De betaalde cursussen die wij een tijdlang aanboden, waren geen succes. Nu we die gratis aanbieden, is er beduidend meer belangstelling. Toch constateer ik nog dat veel personeel niet op cursus mag. ‘Een dag cursus is een dag niet gewerkt’, is de redenering.’ Waarop Plooy aangeeft dat hij voor miljoenen aan software in huis heeft waarvan hij de leverancier vaak moet uitleggen hoe die werkt. Herkenbaar voor 3T-man Mijnheer, die droogjes een nieuwe term introduceert: ‘Wij noemen dat early customer involvement.’

Hoop en vertrouwen

Er volgt nog genoeg te verbeteren, zo mag aan het eind van de middag worden geconcludeerd. En dat zal ook gebeuren, is de overheersende opinie. ‘Het is een kwestie van hoop, vertrouwen en meer samenwerken. En met zijn allen op it-cursus’, zo vat Arjan van Weele het in zijn kenmerkende, gevatte stijl samen.

https://www.linkmagazine.nl/link-magazine-3-2017/

Artikel uit Link magazine 3 2017

Share.

Reageer

CAPTCHA Image

Reload Image

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.